HIELSPOOR (CALCANEUSSPOOR OF PLANTAIRE FASCILITIS)

Hielspoor – beschrijving:
Hielspoor (ook calcaneusspoor (van het Latijnse calcaneus = hielbeen) is een pathologische en pijnlijke verkalking van de peesaanzet aan het hielbeen. Wanneer hielspoor optreedt in verbinding met een ontsteking, wat in de regel het geval is, wordt deze ook wel plantaire fascilitis genoemd. Daarom heeft dit begrip zich in de medische diagnostiek als synoniem doorgezet.
Hielspoor – oorzaak
Hielspoor ontstaat door een overbelasting van de spieren en pezen die de voetboog steunen. De aanzet ervan bevindt zich aan het hielbeen. De aanzet van de pezen kan ontstoken raken (plantaire fascilitis) terwijl bovendien vaak een verkalking (hielspoor) aan de aanzet ontstaat. Het resultaat van de ontsteking uit zich in pijn aan de voetzool bij het bewegen en lopen. Vaak gaat dit gepaard met pijn wanneer men begint te lopen en pijn wanneer men op de tenen staat. In de meeste gevallen ligt de oorzaak in een verzakte voetboog, waardoor de banden onder verhoogde trekbelasting staan en de spieren overmatig werk moeten verrichten hetgeen de trekwerking nog versterkt. Korte, verkrampte kuitspieren (stoelplakkers opgepast) en verkorte buigspieren in de tenen kunnen, net als een stijve en onflexibele peesplaat (fascia plantaris) bij de voetzool een hielspoor bevorderen. In de regel wordt een hielspoor vastgesteld aan de hand van een röntgenfoto en door drukpijn bij de aanzet van de fascia plantaris aan het hielbeen.
Hielspoor – therapie
Als therapie worden inlegzolen met dienovereenkomstige holstand, nachtbraces, ultrasoon-en pulsgolftherapie in combinatie met ontstekingsremmende medicijnen ingezet. Bovendien moeten de voetzool, de kuit en de tenen gestrekt worden. Blootsvoets lopen en versterken van de scheenbeenspieren zijn bovendien een goede aanvulling op de therapie gebleken.
DE
EN
FR
NL